Om een aanvraag voor een machtiging tot voorlopig verblijf (MVV) of een verblijfsvergunning (VVR) in te dienen, moet de hogeronderwijsinstelling kunnen aantonen dat de student over voldoende middelen van bestaan beschikt. Per 1 januari 2014 gelden hiervoor nieuwe normbedragen.
Studie
Het normbedrag voor studie hoger onderwijs bedraagt € 833,22 per maand, exclusief collegegeld.
Gezinshereniging
Het normbedrag voor gezinshereniging waarbij de student het verblijf van het gezin financiert uit eigen middelen, bedraagt € 1.354,54 netto per maand (inclusief vakantiegeld) exclusief collegegeld.
Als een in Nederland wonende derde (in loondienst) het verblijf van de student en het gezin geheel financiert is een hoger normbedrag van toepassing, € 1.485,60 bruto per maand (exclusief vakantiegeld) en € 1.604,45 bruto per maand (inclusief vakantiegeld). Hier komt genoemd normbedrag voor studie nog bij.
Voor meer informatie hierover raadpleeg de website van de IND.
Vaststelling normbedragen
Het normbedrag studie voor hbo- en wo-studenten is gebaseerd op de Wet studiefinanciering en wordt vastgesteld door de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.
Het normbedrag voor gezinshereniging stelt de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid vast.
Bron: IND
